Onderweg
HEER, U roept ons weer om verder te gaan,
te vervolgen de weg die voor ons ligt,
met dagen vol van zon en vreugde
maar ook van dagen zonder licht.
Wij trekken verder met dankbaarheid,
maar ook met heimwee en verdriet.
We dragen de namen van wie ons dierbaar zijn;
wie wij missen, vergeten wij niet.
Geen van ons weet wat komen zal,
wat morgen is en van ons wordt gevraagd.
Maar wel heeft U ons ervan vergewist,
dat Uw trouwe hand ons dag voor dag draagt.
Leer ons telkens weer elkaar tot hand en voet,
tot troost en zegen te zijn;
om zó samen, delend lief en leed,
naar Uw wil gemeente te zijn.
Wil ook, HEER, het werk dat weer begint
met Uw rijke zegen begeleiden;
wil jong en oud door Woord en Geest,
in geloof en liefde verder leiden.
En houd bovenal in ons het uitzien wakker,
de hoop naar wat Gij hebt beloofd:
de grote morgen van Uw Koninkrijk,
waarin Uw kerk reeds eeuwenlang gelooft.
De dag waarop de nacht voorgoed verdwijnt
en U de laatste tranen drogen zult.
Tot die dag gaan wij, gedragen door Uw trouw,
Uw toekomst tegemoet, van hoop vervuld.
Ds. G. van den Berg